Myrthe (22) zit in het derde jaar van haar studie Rechten, maar door de diagnose kanker is haar studentenleven allesbehalve normaal.

“Het contrast met mijn studiegenoten is groot en dat maakt het leven met kanker best wel eenzaam.”

Myrthe woonde in een studentenhuis, ging vaak uit, werkte, sportte en studeerde tussen de bedrijven door. Van de buitenkant leek haar leven fantastisch, maar toch voelde ze zich steeds slechter. Ze kreeg last van vermoeidheid, depressieve buien en epileptische aanvallen. Op een MRI bleek er een ongeneeslijke hersentumor ter grootte van een aardappel in haar hoofd te zitten.

Kun jij je het moment van de diagnose nog herinneren?
Alleen de eerste drie woorden: je hebt kanker. Daarna weet ik niets meer van het gesprek. Na het gesprek ben ik gaan googelen — een heel slecht idee. Er stond dat ik met dit type hersentumor nog maximaal twee jaar te leven had. Toen sloeg de paniek helemaal toe. Ik heb heel hard gehuild en geschreeuwd. Ik dacht echt dat ik gek werd, maar toen zei mijn moeder: ‘Fuck it, we worden gewoon 88. Het komt allemaal goed.’

En toen?
De tumor was groot en zat op een vervelende plek. Daarom moest ik zo snel mogelijk geopereerd worden. Dat was niet zonder risico’s: ik kon verlamd raken of zelfs overlijden. Die gedachte is natuurlijk doodeng. De twee weken tussen de diagnose en de operatie bestonden dan ook uit veel dingen regelen en zoveel mogelijk vrienden zien.

Dat klinkt als een hele intense tijd. Hoe is de operatie gegaan?
Toen ik wakker werd, tilde ik meteen mijn benen op om te checken of ik niet verlamd was. Gelukkig werkte alles nog. De operatie was goed gegaan: ze hebben 95% van de tumor kunnen verwijderen. Dat was veel meer dan verwacht, dus dat was echt heel goed nieuws.

Wat fijn! En toen terug naar het studentenleven?
Nou, dat was ik wel van plan, maar tijdens mijn herstel merkte ik al snel dat dat niet kon. Goede slaap is essentieel voor mijn gezondheid en in een studentenhuis is het gewoon te druk voor mij. Gelukkig vond ik snel een studio. Inmiddels heb ik mijn studie weer opgepakt, heb ik weer een bijbaan en zit ik bij een dispuut. Toch is mijn sociale leven een stuk rustiger dan voor mijn diagnose en dat maakt het leven met kanker soms best wel eenzaam.

Studeren met kanker, hoe gaat dat eigenlijk?
Het gaat, maar het is zwaar. Vermoeidheid is mijn grootste struggle. Ik moet mijn energie goed verdelen en dat is lastig. Ik heb inmiddels ook wel wat studievertraging opgelopen: ik zit in mijn vijfde studiejaar, maar eigenlijk nog in het derde jaar van mijn bachelor.

Hoe gaat de universiteit hiermee om?
Ze zijn begripvol, maar kunnen niet alles oplossen. Na mijn operatie namen ze hoorcolleges op, zodat ik die thuis kon volgen. Dat was superfijn, maar dit jaar kan dat helaas niet meer. Dat vind ik echt jammer. Emotioneel doet het ook wat met me. 

Bijna al mijn jaargenoten zijn afgestudeerd en aan het werk. Dan scroll ik door LinkedIn en zie ik allemaal leuke carrière-updates en ik zit nog steeds op de universiteit. Dat is best wel pijnlijk.

Heeft jouw studievertraging ook praktische gevolgen?
Ja. Omdat ik ziek werd, kreeg ik een jaar extra studiefinanciering. Dat extra jaar wordt pas een gift als ik na mijn bachelor ook een master afrond. Die master duurt normaal een jaar, maar op mijn tempo doe ik er waarschijnlijk langer over. Bovendien krijg ik voor die master geen stufi meer, dus ik moet meer gaan werken of lenen. Zo stapelen de schulden zich op.

Maak je je daar zorgen over?
Ja, soms wel. Ik ga ervan uit dat ik de 50 sowieso haal, maar de toekomst roept veel vragen op: hoe betaal ik mijn studieschuld terug? Kan ik ooit fulltime werken? Kan ik kinderen krijgen? Hoeveel behandelingen volgen er nog en wat doen die met mij? Eigenlijk maak ik me over alle bekende AYA-thema’s wel zorgen.

Hoe ga je daar mee om?
Ik probeer gewoon alle ballen hoog te houden: te werken en studeren zolang ik kan. Ik leef ook veel meer in het nu en beleef dingen veel intenser. Daardoor zie ik ook de mooie dingen die ik na – en door – mijn diagnose mag ervaren. Ik heb lotgenoten ontmoet die voelen als familie, ben gaan kajakken in de Alpen en ben het gezicht van het AYA HYROX Heldenteam. Dat is te gek.

En wat betreft die gedachten: vaak lukt het me zelf goed om te relativeren, maar soms heb ik daar anderen voor nodig. Dan bel ik mijn vriendinnen of mijn moeder en zeg ik: ‘Wil je me hier even uitpraten?’ Dat is heel fijn en belangrijk voor mij.

Hoe helpen jouw zorgprofessionals hierbij?
Ik heb een heel fijn behandelteam met veel jonge mensen. Toen ik vroeg wanneer ik weer mocht drinken en stappen, begrepen ze dat helemaal. Dat is fijn. We kunnen er ook om lachen – het antwoord was natuurlijk: ‘Niet te veel.’ Ze vragen ook regelmatig naar mijn datingleven en zo. Het is heel waardevol dat ze mijn levensfase begrijpen.